Het gunstregime voor familiale vennootschappen is ten einde. Deze hervorming is geen "kleine lettertjes"-verhaal. Ze raakt aan de manier waarop families en ondernemers hun vastgoedstructuren plannen. Dit zijn zeven praktische aandachtspunten die we in de markt het vaakst zien terugkeren.

1. Breng je vastgoed in kaart per type
Welke panden zijn residentieel? Welke zijn bedrijfsmatig? Zijn er bouwgronden? Een correcte inventaris is stap één.
2. Check gemengd gebruik
Panden met een wooncomponent (boven winkel, praktijkwoning, conciërgewoning) vragen een duidelijke beoordeling "hoofdzakelijk bewoning".
3. Denk in waardedelen, niet alleen in panden
Bij aandelenoverdracht wordt gekeken welk deel van de waarde toe te rekenen is aan residentieel vastgoed. Dat vereist onderbouwde waardering/verslaggeving.
4. Let op participatiestructuren
Residentieel vastgoed in dochtervennootschappen kan meetellen. Groepsstructuren verdienen dus extra aandacht.
5. Toets of je in een uitzondering kan vallen
Voor bepaalde actieve residentiële vastgoedspelers kan een uitzondering bestaan (criteria zoals omzet/tewerkstelling). Laat dit aftoetsen.
6. Timing is strategisch
De nieuwe regels gelden vanaf 1 januari 2026; in dossiers met geplande schenkingen of herstructureringen is tijdige voorbereiding cruciaal.
7. Werk samen met de juiste partners
Fiscaal-juridische analyse hoort bij je adviseurs (accountant/fiscalist/notaris). ABM-Altos helpt je graag aan de vastgoedkant: marktwaardes, asset-mix, (her)bestemming, verkoop/verhuurscenario's en de impact op je vastgoedstrategie.
Extra tip vanuit onze ervaring
Voor veel ondernemers is dit een goed moment om hun vennootschap te "ontmengen": wat hoort bij exploitatie en bedrijfsvastgoed, en wat is privé of residentieel patrimonium? Een heldere structuur maakt toekomstige beslissingen meestal eenvoudiger – ook los van fiscaliteit.
Heb je vragen over dit topic? Neem contact op met Rina Colson, rina@abm-altos.be of 0475 56 04 27.